Home | Fatima wil Seks!

Een gevallen maagd


Toegevoegd op vrijdag 13 september 2013 02:41 door haidera

In een klein slaperig dorpje in de bergen van een ver koninkrijk woonde Yasmine, een beeldschoon meisje met grote donkere ogen, brede bevallige heupen, ronde billen en ravenzwart krullend haar. Ze blonk niet alleen uit in schoonheid maar ook in deugd en zeden. Yasmine was de trots van haar familie, geliefd in het dorp, en zo vroom als de profeet zelf. Elke vrijdag ging ze steevast , geflankeerd door haar broers, naar de moskee. Haar broers waakte onvermoeibaar over haar als was ze een schat. Het waren niet alleen haar broers die haar met buitengewone interesse gadesloegen. Vele broeierige jongensogen volgende haar op haar weg naar de markt, de moskee, of de waterput. Soms voelde ze hun blikken bijna op haar lichaam branden, alsof het stille maar hevige verlangen van de ongetrouwde jongemannen via hun amandelbruine ogen op haar lichaam afstraalden. Al vanaf jonge leeftijd, toen haar vrouwelijkheid begon te ontluiken, had Yasmine gemerkt dat haar rondingen haar buurjongetjes in vervoering konden brengen. Dit had haar echter nooit zo beziggehouden en had er verder niet meer over nagedacht. Ze beschouwde het als iets van het leven, waar ze verder geen aandacht aan schonk. Haar gedachte gingen uit naar God, haar familie en haar werkzaamheden in en rond het huis. Zoals gezegd, Yasmine was de deugdzaamheid zelve.

Haar broers hielden haar ver weg van alles wat mannelijk was en het leek al een eeuwigheid geleden dat ze met jongens had gepraat. Yasmine kon zich nog levendig haar kinderjaren herinneren, toen ze nog onbezorgd met haar buurjongetje Karim speelde. Hun vriendschap was innig en hecht geweest zoals die bij kinderen vaak is. Op een dag had Karim als teken van zijn vriendschap haar een mooie armband gegeven. Hoewel later bleek dat hij die op de markt had gestolen kon ze zich haar blijdschap nog herinneren. Ze had de jongen gevraagd wat ze hem terug kon geven om haar vriendschap met hem te bevestigen. Hij had slechts om een lok van haar zwarte haar gevraagd omdat dat iets van haarzelf was. Met een kinderlijke verliefdheid had ze een ze een van haar zwarte krullen afgesneden en aan haar buurjongetje gegeven. Dat was het laatste wat ze zich van hun samenzijn kon herinneren daar haar vader haar had verboden nog langer met hem te spelen.

Vanaf het moment dat Karim zijn jongensjaren achter zich liet en zijn mannelijkheid in zijn lendenen ontsproot verliet Yasmine zelden zijn gedachten. Haar lange Khimar kon haar volle rondingen niet verbergen, haar gitzwarte krullen wipten soms speels onder haar sluier vandaan, en haar grote hertenogen verrieden zoveel tederheid dat ze elk jongenshart op hol lieten slaan. Zo ook die van Karim en in zijn dromen klom hij uit zijn slaapkamerraam, sloop over het platte dak naar die van de buren, en klom hij haar slaapkamer binnen waar zij dan stil en verlangend op hem wachtte. Dit waren echter dromen die nimmer waarheid konden worden, zoveel wist Karim wel. Karim liep elke dag met een met olijfmanden behangen ezel naar de naburige stad, om daar, de oogst uit de boomgaard van zijn vader voor een goede prijs te verkopen. Als hij veel verdiend had, ging hij met een handvol dinars naar het plaatselijke huis van plezier. Daar zocht hij dan de dame met de grootste billen uit, huurde haar, en liet haar op handen en knieën zitten, haar hoofd naar beneden, zodat haar neus de grond raakte en haar gigantische achterwerk zo hoog mogelijk in de lucht. Dan liet hij zijn broek zakken en liet zijn staalharde erectie in haar zijdezachte achterste verdwijnen. Maar hoe vaak hij het bordeel ook bezocht, hoe rond de billen van de dames ook waren, Yasmine bleef in zijn verhitte dromen verschijnen.

Karim wist dat hij het meisje nooit zou kunnen trouwen, haar vader zou het niet accepteren, om haar te veroveren moest hij een list bedenken. Niet langer bezocht hij het bordeel en spaarde al zijn dinars op. Op een dag ging hij naar een vrouw die bekend stond als een heks. Hij bood de heks al zijn geld als ze Yasmine kon betoveren en haar in de zijne te maken. De oude heks schaterlachte: ‘Jongens zijn toch allemaal hetzelfde’, zei ze. Toen vervolgde ze zonder te lachen: ‘Ik kan een Djinn op haar afsturen maar dan heb ik iets van haar nodig, iets van haar zelf’. Karim dacht koortsachtig na, het was voor hem onmogelijk iets van Yasmine te bemachtigen omdat ze voortdurend omringt was door haar beschermende familie. Plots schoot hem iets te binnen. Hij herinnerde zich de lok van Yasmine, die hij als jongetje in een leren buideltje onder zijn bed bewaarde, maar waar hij al jaren niet meer aan had gedacht. De volgende dag bracht hij de heks de krullen van Yasmine. De heks vertelde hem dat hij geduldig moest wachten, de djinn zou zijn werk doen. Eenmaal in de macht van de djinn kon hij met haar doen wat zijn hart begeerde.

Het was op een ochtend toen Yasmine, terwijl ze nietsvermoedend haar kruik met water vulde, plots als door de bliksem getroffen werd. Het leek alsof een bovenmenselijke macht haar binnenste in vuur en vlam zette. Een moment verkeerde ze in blinde paniek, maar zodra het vuur in haar lichaam was uitgeraasd, bleef er een heerlijk warm en opwindend gevoel achter, alsof na een lange winter de eerste lentedag was aangebroken. Er liep een rilling over haar rug en tot haar schrik werden haar tepels hard. Onwillekeurig gingen haar gedachten naar Karim, haar buurjongen, aan wie ze al tijden niet meer gedacht had. Het was alsof hij van hogerhand in haar gedachten werd geplant. Een zindering trok door haar lichaam haar hart vulde zich met een onbekend verlangen en het was alsof ze door een onzichtbare hand geleid werd toen ze, zo snel haar voeten haar konden dragen, in de richting van de naburige stad liep.

Toen Karim terwijl hij terugkwam van de markt Yasmine zonder haar broers op een steen naast de weg zag zitten, maakte zijn hart een sprong van geluk. Het kon bijna niet anders of de betovering was gelukt. Hij was echter nog niet zeker van zijn zaak en benaderde het meisje daarom voorzichtig. Toen hij voor haar stond, de teugels van zijn ezel in de hand, hield Yasmine haar grote bruine ogen strak op de grond gericht. Karim verzamelde al zijn moed en vroeg: ‘Je bent ver van huis Yasmine, je heb erg lang gelopen, je zult daarom wel dorst hebben. Ik ken een waterbron hier in de buurt, daar kan je de dorst lessen’. Geladen van spanning en lust keek hij hoopvol naar het meisje. Ze had een blos op haar wangen, haar ogen waren glazig alsof ze koorts had. Ze knikte zwijgend. Karim voelde de lust vanuit zijn lendenen opwellen toen hij zijn ezel aan een boom bond en Yasmine van de weg af het struikgewas in leidde, wetend dat de bron waarover hij eerder sprak slechts in zijn gedachten bestond. Yasmine volgde hem gedwee als het lastdier dat hij zoeven aan de boom had gebonden. Toen ze ver genoeg van de weg verwijderd waren op een plek waar het struikgewas zo dicht was dat het hun voor de buitenwereld kon verbergen hield Karim stil. Nu zou blijken of de betovering gewerkt had, of Yasmine van hem zou zijn.

‘Ga op je knieën zitten’, zei hij met bevende stem.

In haar normale toestand zou Yasmine nooit aan zo’n brutaal verzoek gehoor hebben gegeven, maar alsof onzichtbare handen haar neer drukten, zeeg ze neer en hield haar blik beschaamd maar verwachtingsvol op de grond gericht. Hoewel ze nog nooit van de verrukkingen van de liefde had geproefd wist ze instinctief wat de jongen van plan was. Er brak een tweestrijd in haar los. Enerzijds wilde ze haar puurheid bewaren, maar anderzijds gloeide er in haar zulk een dwingend verlangen naar iets wat ze niet kende. Ondanks haar diepe verlangen tot vereniging met de jongen schrok ze toch toen Karim zijn broek liet zakken en haar zijn van lust gekromde lid presenteerde. Hoewel ze elke ervaring in het liefdesspel ontbeerde omsloten haar volle lippen zijn harde jongensdeel en Karim gromde van genot. Zijn handen beroerde haar gesluierde hoofd terwijl ze deze ritmisch op en neer bewoog. De jongen genoot met volle teugen van haar volle lippen en warme mond. Haar lippen en tong die voorheen nog braaf het gebed resoneerde speelde nu schaamteloos met zijn stijve pik. Karim voelde zijn manlijkheid zwellen en besloot daar op die plek, in het struikgewas naast de weg, Yasmines maagdelijkheid te nemen.

Yasmine zoog begerig aan zijn lid en proefde de zilte voorbode van zijn jongens sap. Het was alsof ze van een goddelijke mede had gedronken, van binnen stond ze in vuur en vlam, verloor zichzelf volkomen, vergat alle geboden en verboden van haar geloof en verlangde alleen nog maar naar het genot dat alleen Karim haar kon geven. Ze pakte de onderrand van haar kaftan vast en trok deze tot onder haar kin op. Haar volle borsten sprongen tevoorschijn. Tot haar tevredenheid zag ze dat de mond van de jongen openviel en hij een moment, van zijn stuk gebracht door zoveel onverwachte schoonheid niet bewoog. Karim legde haar voorzichtig op haar rug, de grond gloeide weldadig onder haar naakte huid, zand kriebelde tussen haar billen. De jongen kuste haar navel, haar huid trok samen van genot, hij beet speels in haar dijen, ze giechelde zachtjes, hij likte haar tussen haar dijen, een zucht van puur geluk ontsnapte uit haar mond.

Karim likte haar met lange halen en een zacht zure meisjessmaak vulden zijn mond. Haar mooie bruine meisjespruim groeide en zwol, haar lichaam begon zich langzaam voor hem te openen. Liefdesvocht welde uit haar gulle heupen op en ze trok haar hoofd naar achteren van genot en opende haar benen. Karim wist dat de tijd daar was en besteeg haar met ingehouden kracht, richtte zijn jongensdeel op haar smachtende opening die als een hongerige mond op hem wachtte.

Op het moment dat haar maagdenvlies knapte en de jongen diep in haar wegzonk veranderde haar wereld.

Alles wat ze geleerd had verdween als sneeuw voor zijn warmte. De vereniging van zijn manlijkheid en haar vrouwelijkheid maakte haar compleet. Het veranderde haar in een orgastisch wezen die slechts kon toegeven aan haar diepste instincten. Haar lichaam omsloot zijn geslacht als een warme zee en hij stak haar met tederheid. Terwijl hij haar steeds dieper raakte grepen haar handen zijn harde op en neer bewegende jongensbillen. Ze verzonk in een warme onderwereld waarin zijn slagen nog het ritme aangaven, stoot volgende op stoot, ze sloot haar ogen. Hun lichamen verenigden zich en ze veranderden in een nieuwe eenheid, alsof ze zelf niet meer bestonden, alsof de wereld om hen heen niet meer bestond. Tijd en plaats versmolten tot een stroperige lava van heerlijkheid waarin ze volledig ten onder gingen. Op het moment waarop het jongenszaad in haar buik ontsproot kreunde Yasmine van genot. Hijgend als een hert lag ze daar in de middagzon, in schoonheid ongeëvenaard. Een gevallen maagd. Nu was ze van hem, wist Karim. Hij nam haar in zijn armen en kuste haar een moment hartstochtelijk alvorens haar kleding te fatsoeneren.

Ze keerden afzonderlijk van elkaar terug naar het dorp, waar de doodongeruste familie van Yasmine op haar wachtte. Zij zouden nooit de waarheid weten. De waarheid die door het struikgewas naast de weg verhuld was. Slechts enkele parels van Yasmine’s bloed in het zand, vertelde dat er een maagd gevallen was.

Home | Moslima Contacten